Een ontploffing op het landgoed

‘Rinkelend sprongen de ruiten in de huizen en boerderijen in de wijde omtrek van Duivenvoorde uit de sponning, plafonds en muren kwamen omlaag of scheurden uiteen, bomen braken krakend doormidden’, zo verhaalt een artikel in het huisarchief over de zware ontploffing op Landgoed Duivenvoorde in maart 1945. Munitiescherven die in de winter van 2022 in één van de tijdens de storm omgevallen bomen zijn gevonden, herinneren aan een bewogen geschiedenis van Duivenvoorde in de oorlogsjaren. 

Munitie op het Landgoed
De oorlog hield Nederland in zijn greep en ook op Duivenvoorde was het goed merkbaar. Baron Schimmelpenninck van der Oye leverde grote hoeveelheden hout aan de gaarkeukens in het dorp en moest tegelijkertijd een deel van zijn kasteel beschikbaar stellen aan een afvaardiging van de bezetter. De baron en zijn zuster hadden, net als veel anderen, plannen gemaakt om delen van hun familiecollectie te stallen bij de Koninklijke Stallen in Den Haag. Eindeloze lijsten met portretten en meubilair tonen aan hoe beiden bezig waren hun familiebezit veilig onder te brengen. Een groot deel bleef achter op het kasteel en veilig was het daar allerminst. 

Op 29 maart 1945, om twee uur ’s middags, werd door de Duitse bezetter een grote hoeveelheid munitie en wapenonderdelen tot ontploffing gebracht. Het veroorzaakte enorme schade aan het landgoed, het kasteel en de collectie. Het wapentuig lag opgeslagen in het oude koetshuis, recht tegenover het kasteel. Op een luchtfoto van de KLM uit 1948 is de schade aan het park goed te zien. Het koetshuis was weggevaagd. Maar daar was het niet bij gebleven. Het kasteel en de voorbrug raakten ook ernstig beschadigd. Op beelden van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, gemaakt in de jaren vijftig, is deze oorlogsschade goed te zien. Plafonddelen, onder andere van het achttiende-eeuwse stucplafond van de Marotzaal, waren ontzet en muren en ramen moesten worden gestut met houten palen. 

Familieverhalen vertellen hoe de baron nog lang na de oorlog een eindeloze hoeveelheid gebroken porselein had liggen in de Marotzaal en op de Overloop in de hoop dat hij de scherven aan elkaar kon lijmen. Heel soms lukte hem dat. De enorme schade aan het kasteel en de brug is in de jaren zestig bij de grote restauratie van architect E.A. Canneman hersteld. Het koetshuis werd in de jaren erna herbouwd. De scherven in de bomen en de vele bijzondere stukken in het huisarchief herinneren aan de oorlogsjaren op Duivenvoorde. 

Beeld: Collectie Stichting Duivenvoorde, Voorschoten en Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Amersfoort.

[cx_open_application openFormID="2"]
Scroll naar top