De strijd tegen het ijzeren monster

donderdag 20 juni 2019 - Verborgen verhalen op Duivenvoorde

  • Foto van de spoorwegovergang bij Duivenvoorde (1972, Hendrik Ploeger)

    In 1842 was de aanleg van de nieuwe spoorlijn van Haarlem naar Den Haag gevorderd tot Voorschoten. De verdere route naar Den Haag zou over landgoed Duivenvoorde doorgetrokken moeten worden. Jonkheer Nicolaas Johan Steengracht, in die tijd eigenaar van het landgoed en kasteel Duivenvoorde, voelde daar helemaal niets voor. Hij wist via zijn politieke contacten in Den Haag te bereiken dat de spoorlijn als eindstation Voorschoten kreeg.

    Nu Nicolaas Steengracht in staat was geweest de spoorlijn uit zijn achtertuin te weren, zag hij een kans om aan deze in Voorschoten eindigende spoorlijn flink te verdienen. Er zou vast een druk diligenceverkeer gaan ontstaan tussen Voorschoten en Den Haag. Met twee andere investeerders bracht hij voldoende geld bijeen om de Papeweg tussen Voorschoten en Wassenaar te bestraten. In maart 1843 kreeg het drietal dan ook een vergunning om tol te gaan heffen van verkeer op de Papeweg om hun investering terug te verdienen.

    Benieuwd of dit businessmodel een succes werd? Kom dan naar Duivenvoorde voor een rondleiding door de tentoonstelling Macht en onmacht - verborgen verhalen op Duivenvoorde. Dan ontdekt u ook meteen hoe het kan dat Duivenvoorde een eigen spoorweghalte kreeg waarbij de trein uitsluitend voor de heer van Duivenvoorde zou stoppen...

    Terug naar nieuws

    Deel deze pagina