Parijse couture in Het Verhaal van Duivenvoorde

donderdag 10 mei 2018 - Kostuums tijdelijk uit depot voor nieuwe tentoonstelling
  • Wat maar weinig mensen weten is dat Duivenvoorde beschikt over een unieke kostuumcollectie, die helaas vanwege de kwetsbaarheid van stof en snit niet vaak tentoongesteld kan worden. Voor de tentoonstelling Het verhaal van Duivenvoorde zijn enkele schitterende stukken echter voor even uit het depot gehaald en nu tijdelijk te bewonderen in het kasteel.


    “In een gevarieerde ‘huiscollectie’ als die van Kasteel Duivenvoorde is het heel bijzonder dat er een flinke hoeveelheid textilia en kostuums is bewaard”, vertelt kostuumhistorica en conservator van deze tentoonstelling Rosalie Sloof enthousiast. “Duivenvoorde was een buitenplaats, dat betekent dat persoonlijke zaken als kleding heen en weer gingen tussen de familiehuizen in de stad en het buiten.”

    Zijde, kant en parels
    “Daarnaast betreft het hier zeer kwetsbare japonnen van meters ruisende zijde, kant en is er allerhande decoratie (zoals parels) in verwerkt, waardoor veel van dit soort kleren de tand des tijds niet overleven”, vertelt Rosalie verder. “De laatste eigenaresse van Duivenvoorde, freule Ludolphine Henriette Schimmelpenninck van der Oye (1891-1956), was echter zeer zuinig op de kleding van haar moeder, Elise Schimmelpenninck van der Oye-van Heemstra (1867-1901). Dit heeft zeker te maken met het feit dat Elise op jonge leeftijd overleed.”

    Fashion Queen Elise
    Bijzonder is dat de kostuums heel direct iets vertellen over de bewoners, hun maatschappelijke positie en de tijd waarin ze leefden. Rosalie: “In het geval van Elise, van wie een aantal japonnen en losse kledingstukken bewaard is gebleven, betekende dit deelname aan het mondaine ‘seizoen’. Zij leidde het leven van een welgestelde dame uit het einde van de 19de eeuw. Ze kocht en bestelde dure maatkleding in Parijs naar de laatste mode bij vooraanstaande modehuizen. Voor haar de normaalste zaak van de wereld; het hoorde gewoon bij haar positie en mondaine bestaan.”

    Successtukken
    Behalve de kostuums van barones Elise is er nog veel meer moois te bewonderen in de tentoonstelling; zoals de verkleedkleren bijvoorbeeld, kinderkleren die een kijkje geven in het kasteelleven van weleer. Verkleden was een geliefd adellijk tijdverdrijf. De outfits varieerden van historisch geïnspireerde figuren (intocht van adellijke figuren) tot karakters uit het Italiaanse carnaval (bijvoorbeeld Pierrot) of mode uit vervlogen tijdperken.

    “Door de fragiele staat van stof en snit is het als conservator altijd een moeilijke afweging”, besluit Rosalie. “Wat kies je per seizoen, welke jurk houdt dat nog, voor vijf maanden strak ingesnoerd op een pop, en dan in omgevingscondities die niet altijd even ideaal zijn? Tegelijkertijd wil je het publiek het verhaal vertellen. De kostuums en kledingstukken zijn namelijk altijd een succes bij de bezoekers.”

      

    Terug naar nieuws

    Deel deze pagina