De Leidse tuin: van 'kerstbomenplantage' naar nutstuin

dinsdag 29 augustus 2017
  • Arend IX liet in 1709 voor zijn nutstuin, de huidige Leidse tuin, volgens het gedenkboek Duivenvoorde tientallen fruitbomen speciaal uit Engeland komen. Zijn bestelling omvatte naast 18 goud pippelingen (goudreinetten) rassen met fantastische namen zoals: carlijns, winter- en zomerparamains en non pareilles, 24 pruimenbomen, 36 kersenbomen en 12 perzikenbomen.

    De Leidse tuin nu
    Na de herinrichting van de Leidse tuin treffen we nu weer fruitbomen aan zoals elstar, jonagold en goudrenet, waarvan de appels als de oogst het toelaat in de appeltaart van Hof van Duivenvoorde zullen eindigen. Verder vind je er enkele stoofperen- pruimen- en kersenbomen. Het robuuste hekwerk dat de hele tuin doorsnijdt, was ooit bedoeld voor leifruit.

    Oude rassen
    Achter de verplaatste beukenhaag staan nog enkele oude rassen zoals sterappel, maar ook een oude appelboom, niet meer als zodanig herkenbaar door de vele maretak of vogellijm. Met kerst worden hier wat takken uitgeknipt voor de verkoop, de bekende mistletoe. De toegevoegde lindes, robinia’s en christusdoorn moeten nog een beetje hun draai zien te vinden in dit gedeelte van de tuin.

    Twee greppels
    Mocht men zich afvragen waarvoor de twee greppels dienen, dan zijn dat overblijfselen uit de tijd dat de Leidse tuin op een kerstbomenplantage leek. De greppels vervulden een rol bij de afwatering - wat nu overigens nog steeds zo is. Ze zijn daarom liefdevol gespaard in het nieuwe wonderschone ontwerp.

       

    Terug naar nieuws

    Deel deze pagina