Restauratie Marotzaal

deel 3
  • Nadat de eerste twee penanten vermoedelijk aan het einde van de achttiende eeuw op kasteel Duivenvoorde geplaatst waren, viel het leven op het kasteel stil. Duivenvoorde was door het huwelijk van Anna Margaretha’s dochter Jacoba in het bezit gekomen van de familie Torck van kasteel Rosendael. Hoewel de Torcken veel tijd doorbrachten in Den Haag en omgeving, kozen ze ervoor om Duivenvoorde te verhuren. Nog tot de beginjaren van de negentiende eeuw wisselen tijdelijke bewoners elkaar af, maar in 1830 komt hier gelukkig verandering in.

    In 1817 erft de tienjarige Henriette van Neukirchen het kasteel. Na haar huwelijk met de Zeeuwse edelman Nicolaas Steengracht in 1830 besluit het paar hun intrek te nemen op Duivenvoorde. Nicolaas en Henriette starten vrijwel meteen een grote bouwcampagne om de tuin en het huis in oude luister te herstellen. Ook aan de aankleding van de interieurs wordt veel zorg besteed. Antieke voorwerpen worden gekocht op veilingen en nieuwe meubelen worden besteld bij modieuze Haagse meubelmakers.

    De Grote Zaal van Duivenvoorde zal eveneens niet aan de aandacht van het echtpaar ontsnapt zijn. Net zoals in de achttiende eeuw worden de uitgaven zorgvuldig bijgehouden in een kasboek. De boedelinventaris uit 1851 bevat een gedetailleerde beschrijving van de inhoud van de Grote Zaal. Een dergelijke akte werd opgemaakt bij het overlijden van (een van) de eigenaren om de waarde van de erfenis te bepalen. Ook de penantspiegels en tafels worden hierin genoemd.

    Volgens het document bevonden zich op dat moment drie sets in de
    Grote Zaal, bestaande uit een spiegelglas in een vergulde lijst en een bijpassende tafel met marmeren blad. Verrassend genoeg wordt er geen totaalbedrag gerekend voor de groep meubelen, maar worden de afzonderlijke sets op verschillende waardes geschat. Zo krijgt één set een prijs van 250 gulden, terwijl de twee andere sets samen gewaardeerd worden op 300 gulden. Dat de ene set blijkbaar meer waard is dan de andere twee, roept veel vragen op. Zou het kunnen gaan om een nieuwe penant die pas gekocht was, en daardoor een hogere waarde had dan de twee antieke achttiende-eeuwse sets? Zonder een aankoopbewijs weten we het niet zeker, maar het lijkt waarschijnlijk dat Nicolaas en Henriette aan het begin van de negentiende een bijpassende set besteld hebben om het decor van de Grote Zaal compleet te maken.

    Binnenkort leest u meer over hoe deze groep van drie uiteindelijk groeide tot het huidige aantal van vijf. De eerste twee blogs kunt u hier en hier terug lezen.

    Door Annemarie Klootwijk

    Deel deze pagina