'Ik neem geen afscheid van Duivenvoorde..'

  • In 2007 maakte zij voor het eerst kennis met het kasteel, raakte besmet met het ‘Duivenvoorde-virus’ en zou er vervolgens nooit meer weg gaan. Tot nu, want haar laatste werkdag zit er inmiddels op en ze maakt zich klaar voor een nieuw avontuur. Maak kennis met Riet Beckers, de vrouw die jarenlang de coördinatie en planning binnen het kasteel op zich nam.

    Zo’n acht jaar geleden bezocht Riet kasteel Duivenvoorde voor het eerst. Tijdens een rondleiding door het kasteel raakte ze zo onder de indruk, dat ze zich meldde als vrijwilliger. Later nam ze de administratie, coördinatie en planning binnen het kasteel op zich; ‘een veelvoud van taken’, zoals ze het zelf noemt. Riet: “Ik houd me met van alles bezig. Roosters maken, groepsrondleidingen organiseren, administratie, noem maar op.”

    De nieuwe tentoonstelling op het kasteel spreekt Riet wel aan. “De continuïteit in de opvolging van eigenaren binnen kasteel Duivenvoorde is bijzonder. De tentoonstelling geeft inzicht in de ontwikkelingen binnen de families die het kasteel bewoond hebben. Niet alleen als je geïnteresseerd bent in portretkunst kun je hier je hart ophalen, ook als je een interesse in geschiedenis en cultuur hebt.”

    Het is voor het eerst dat de ruim tweehonderd portretten, die de bewonersgeschiedenis van Duivenvoorde zo karakteristiek in beeld brengen, samen te zien zijn op het kasteel. Hoe zouden de geportretteerden dat zelf gevonden hebben? Riet: “Ik kan mij voorstellen dat zij naar de portretten kijken zoals wij naar een familie-album. Glimlachen bij een herkenning, en herinneringen ophalen aan de mensen die afgebeeld zijn. In het bijzonder ben ik trouwens erg benieuwd naar Henriette Jeanne Christiane barones van Neukirchen genaamd Nyvenheim. Hoe is haar liefde voor Duivenvoorde ontstaan?”

    Deze tentoonstelling is de laatste die Riet van dichtbij mee heeft gemaakt. Ze sluit af met de woorden: “Toen ik in de zomer van 2007 voor het eerst op Duivenvoorde kwam, had ik het gevoel thuis te komen. Het Duivenvoorde-virus vond een voedzame bodem. In de afgelopen jaren heb ik Duivenvoorde in alle facetten leren kennen. In het bijzonder wil ik de samenwerking met de meer dan 100 vrijwilligers noemen. Zonder deze zeer betrokken vrijwilligers kan Duivenvoorde niet bestaan. Ik sluit dan wel mijn werkzaamheden af, maar ik neem geen afscheid van Duivenvoorde.”

    Deel deze pagina